8. Godsdienstige stellingname collega

 

Je werkt op een openbare basisschool en hebt kinderen van verschillende nationaliteiten in je groep. Een van je collega's draagt een hoofddoek. De kinderen uit haar groep scoren goed bij verschillende toetsen, maar niet alle ouders zijn gelukkig met haar godsdienstige stellingname.

 

Tijdens een huisbezoek bij ouders van Nederlandse komaf komt dat ter sprake. Een dochter van het gezin zit bij je collega in de groep. Het meisje komt soms met verhalen thuis waar de ouders niet blij mee zijn. 

In de ochtendkring mogen de kinderen niet alle onderwerpen aan de orde stellen: vragen rond de zwangerschap van de moeder en verhalen over zwemmen in je blootje waren taboe. Bovendien zitten jongens en meisjes bij groepswerk altijd in aparte groepjes.

 

De ouders stellen: "We hebben bewust voor openbaar onderwijs gekozen … We verwachten van leraren een open opstelling en respect voor andere opvattingen. In onze maatschappij moeten kinderen volgens ons leren met zowel jongens als meisjes samen te werken.

We hebben al eens geprobeerd de juf uit te leggen wat wij onder openbaar onderwijs verstaan, maar het lukt niet haar duidelijk te maken wat wel en wat niet kan in de klas.

We weten niet goed wat we ermee aan moeten. Een gesprek aanvragen met de directeur vinden we te ver gaan.
Zou jij er niet eens met haar over willen praten? Als collega kun jij makkelijker een informeel gesprekje voeren over zoiets."

 

Klik op onderstaande links om eerst je eigen standpunt te bepalen. Ga je in op het verzoek van de ouders? Zo ja, waarom? Hoe pak je het aan? Zo nee, waarom niet? Hoe laat je de ouders merken de opmerkingen wel serieus te nemen. Hoe zet je het gesprek met hen voort? Stel je een tussenoplossing voor? Wat wil je daarmee bereiken? Hoe ga je te werk?